Preek voor Maria Tenhemelopneming 14 augustus 2022 Cenakelkerk

Preek voor Maria Tenhemelopneming  14 augustus 2022                    Herwi Rikhof

 

Openbaring 11,19; 12,1-6.10 / Lc. 1,39-56

 

‘Niet meer madonna’s’ zei een dochtertje van vrienden van mij. Ze waren op vakantie en mijn vrienden vonden dat hun kinderen ook iets van de rijke cultuur in het mooie Italië moesten ervaren, niet alleen het strand en de zee. En zo stonden ook een paar musea op het programma. En toen ze dus in een van die musea van zaal naar zaal liepen zei een van hun kinderen. ‘Niet meer madonna’s’.

Maria wordt zeker vaak afgebeeld in de kunst, vaak als moeder met haar kleine kind, of als moeder met haar vermoorde zoon in haar schoot. Grote kunstenaars weten dan in haar lichaamshouding en in haar gezichtsuitdrukking de emoties van tederheid of verdriet te verbeelden. Soms zie je een afbeelding van die gebaseerd is op de lezing uit de Openbaring van Johannes die we net gehoord hebben. Je ziet dan Maria alleen of met het kindje Jezus, omringd door een krans van twaalf sterren en meestal staande op een maansikkel, een enkele keer zittend op een maansikkel.

Als je Maria maansikkel googelt krijg je niet alleen aan aantal afbeeldingen te zien, maar ook verwijzingen naar websites met toelichting, meestal website van musea. Daar vind je vaak een verwijzing naar de tekst uit de Openbaring en soms ook nogal verschillende opmerkingen over die maansikkel: symbool van de kuisheid staat bij de een, in veel culturen is de maan symbool voor de moedergodin staat bij een ander. Maar sinds ik het speechje gelezen heb dat de toenmalige kardinaal Bergoglio gehouden heeft voor het conclaaf dat hem tot paus zou kiezen, roept de maansikkel voor mij het mysterie van de maan op.

De kardinaal noemt het alleen maar, mysterium lunae, mysterie van de maan, maar legt het niet uit. Hij geeft aan dat er binnen de kerk twee fundamenteel verschillende visies op de Kerk bestaan: een visie waarin de Kerk op zichzelf betrokken is en een visie waarin de Kerk naar buiten is gericht. “Wanneer de kerk zelf-betrokken is, gelooft ze  – zonder er zich van bewust te zijn – dat zij zelf het licht is; ze houdt op mysterium lunae te zijn. Toen ik dat speechje voor het eerst las, ben ik gaan zoeken naar wat dat mysterium lunae, dat mysterie van de maan betekent en heb ik ontdekt dat het een thema is dat sommige theologen in de eerste eeuwen van de kerk hebben gebruikt. Ze grepen daarbij terug op een thema uit de Griekse filosofie, over de verhouding tussen de zon en de maan. Het mysterie van de maan is dat ze licht geeft, maar zelf geen licht heeft., geen licht is. De maan geeft het licht door dat ze van de zon krijgt. Die theologen gebruiken die verhouding tussen zon en maan om de verhouding tussen Christus (zon) en de kerk (maan) beeldend ter sprake te brengen.

Wanneer Maria op de maansikkel wordt afgebeeld is zij, om zo te zeggen, ook een verbeelding van dat mysterie van de maan. De kerkvader Ambrosius, de man die zo’n belangrijke rol heeft gespeeld in het leven van een andere kerkvader, Augustinus, noemt Maria in zijn commentaar op het Lucas-evangelie een model voor de kerk. Een echo daarvan klinkt straks aan het begin an de grote lofprijzing wanneer ik zal bidden: “in haar zien we waartoe we bestemd zijn, zij is ons leven, onze gids, onze hoop.”

Maria als model voor de kerk. In dat speechje voor het conclaaf maakt de toekomstige paus Franciscus dus de opmerking dat de kerk in zichzelf gekeerd is geraakt en zo opgehouden is het mysterie van de maan te zijn. Als we naar Maria kijken, goed naar dat lied van haar luisteren dat we net gehoord hebben, dan wordt duidelijk waarom ze een model voor de kerk is: zij is de belichaming van het mysterie van de maan en zij is niet opgehouden dat te zijn. Dat is wat we vandaag vieren: dat ze niet opgehouden is mysterie van de maan te zijn. We horen het begin van haar leven, maar we weten dat zij trouw gebleven is aan dat begin. Tot twee keer toe gebruikt ze voor zichzelf in relatie tot God een term die dat mysterie van de maan karakteriseert, maar die ook gemakkelijk kan leiden tot misverstand. In het Grieks staat er namelijk doule, slavin, in de Nederlandse vertaling dienstmaagd of dienares. De vertaling in de Bijbel in gewone taal laat het probleem duidelijk zien: Maria zegt daarvan zichzelf: maar een gewoon meisje. Slavin, dienstmaagd, dienares roepen blijkbaar zo duidelijk de verkeerde associaties op dat een echt andere vertaling gekozen wordt. Die vertaling ‘maar een gewoon meisje’ is niet verkeerd en pakt zeker de sfeer van dat lied: de verbazing dat God haar gezien heeft, maar pakt niet alles, of misschien ook niet de kern.

Wanneer wij over onze relatie met God en over Gods relatie met ons spreken gebruiken we altijd woorden ontleend aan onze menselijke relaties, maatschappelijke omstandigheden. We kunnen niet anders, maar we moeten dan altijd wel goed opletten om die menselijke relaties, die maatschappelijke omstandigheden niet zonder meer te gebruiken, niet een op een toe te passen. We moeten altijd die menselijke relaties en maatschappelijk omstandigheden aanpassen, omvormen, herdefiniëren. Dat doet Jezus voortdurend in zijn parabels, daarom zetten ze ook altijd aan het denken. Daar moeten theologen ook voor zorgen, maar dan hebben ze niet altijd gedaan, of doen ze niet altijd, moet ik zeggen als ik eerlijk ben. Het is ook niet zo gemakkelijk en het is ook iets dat je telkens opnieuw moet doen. Dat is bijvoorbeeld duidelijk met die term ‘slaaf,’ ‘slavin’. Door de aandacht die er nu is voor ons slavernij verleden, doordat nu een delegatie van ons parlement in Suriname is om over dat slavernij verleden te praten, doordat we nu praten over tot slaaf of slavin gemaakten, krijgt zo’n term een hele lading en moet je als het ware extra voorzichtig, extra omzichtig zijn en heel goed duidelijk maken wat die term betekent en vooral wat die term niet betekent.

Wanneer Maria die term voor het eerste gebruikt is dat aan het eind van haar roeping. De engel Gabriel heeft haar gevraagd of zij de moeder wil worden van Gods zoon en na de gebruikelijke tegenwerpingen die bij elke roepingsverhaal in de Schrift horen, stemt Maria in. Er is geen sprake dwang of geweld: ze wordt gevraagd en ze stemt aarzelend toe. Zij wordt niet tot slavin gemaakt, maar maakt zichzelf tot slavin en daardoor verandert het hele begrip drastisch. En dat gebeurt ook als doule niet met ‘slavin’, maar met ‘dienstmaagd’ of ‘dienares’ vertaald wordt, ook die termen verliezen de maatschappelijke invulling die we gewend zijn daaraan te geven, compleet met het dienstmeidenkamertje ergens op zolder of in de kelder. ‘Slavin’, ‘dienstmaagd’, ‘dienares’ wordt een term voor optimale dienstbaarheid, voor beschikbaarheid bij uitstek, een term voor totale openheid, een term waarin elke vorm van eigenbelang ontbreekt. Wanneer Maria voor de tweede keer die term gebruikt in dat prachtige lied van haar, bevestigt zij daarmee haar roeping en laat ze ook blijken dat zij zich realiseert wat haar ja-woord inhoudt. De omkering van allerlei machtsverhoudingen – trotsen, heersers, rijken – onderstreept die radicale omvorming van de term ‘slaaf’/ ‘slavin’, die omkeringen van machtsverhoudingen maakt de ingrijpende herdefinitie van die karakterisering dienstmaagd, dienares duidelijk.

Als je zo die karakterisering van Maria, van zichzelf, doule, dienstmaagd verstaat, wordt ook duidelijk waarom zij de belichaming is van het mysterie van de maan, waarom zijn wordt afgebeeld staande of zittend op de maansikkel. Zij is niet met zichzelf bezig, plaatst zichzelf niet centraal, maar laat Gods licht weerkaatsen, doorstralen.

Maria als model voor de kerk, als voorbeeld voor de kerk als geheel, maar ook als voorbeeld voor ieder van ons. Dat vieren we vandaag. Het zou mooi zijn als wij als kerkgemeenschap en als individuele gelovigen iets van dat mysterie van de maan kunnen laten zien.

Niet meer madonna’s zei dat dochtertje in dat museum. Meer madonna’s zeggen we hier.

Meer nieuws

Preek voor de 26e zondag 2022

Preek voor de 26ste zondag door het jaar  2022                                                        Cenakelkerk […]

preek voor de 27e zondag 2022

Preek voor de 27ste zondag door het jaar 2022                                                           […]

Overweging 2 oktober, 27e zondag 2022 C door pastoor Jacques Grubben

Tijdens mijn verblijf in Letland las ik woorden van Efrem […]

Lezingenreeks winterwerk

Op dinsdag 18 oktober organiseert de Commissie Winterwerk een lezingavond: […]

De digitale adventsretraite 2022 van de jezuïeten

Het woord is mens geworden is de titel van de […]