Preek voor de 26e zondag 2022

Preek voor de 26ste zondag door het jaar  2022                                                        Cenakelkerk

 

Inleiding

 

Teksten en feiten kunnen misverstaan worden, daar heb je geen complotdenken voor nodig. De parabel die we straks gaan horen over de rijke man en de arme Lazarus is een tekst die makkelijk misverstaan kan worden in de trant van dat rijken slecht zijn en armen goed, dat je niets hoeft te doen aan het onrecht op aarde omdat het in de hemel wel goed komt. Maar die interpretaties maken deze parabel te onschuldig, te weinig insnijdend. Allereerst omdat die parabel over nu en straks, over aarde en hemel geen eenvoudige beschrijving is hoe de toekomst eruit zal zien. Zoals zo vaak in de Schrift is het spreken over de toekomst een waarschuwing en een aansporing tot anders handelen. Vervolgens is een belangrijk gegeven dat dit de enige parabel is waarin Jezus iemand een naam geeft. In de andere parabels gaat het over: een herder die een schaap kwijt is, of een vrouw die een deel van haar bruidsschat niet kan vinden, een vader met twee zonen, een reiziger die overvallen wordt of werkelozen die op het eind van de dag nog geen werk gevonden hebben. Maar  niemand wordt bij name genoemd, hier wel,  hier heeft een van de hoofdfiguren een naam: Lazarus. Een naam die ook iets betekent: ‘God redt’. Trouwens, er is nog iemand met een naam: Abraham, die ook nog ‘vader ‘wordt genoemd. Wat bij andere parabels heel gewoon is en ook meestal haast vanzelfsprekend gebeurt als je ze leest of naar ze luistert; namelijk dat je je met een van die figuren identificeert, dat kan vandaag dus niet zo gemakkelijk. Er is maar één figuur met wie we ons kunnen identificeren: de rijke man. En nu wordt het helemaal belangrijk de parabel goed te lezen.

 

Preek

 

De arme man heeft dus een naam, de rijke niet, met de arme kunnen we ons dus niet identificeren, met de rijke wel. Maar dat is te snel, dat is te gemakkelijk. In de parabel wordt de rijke man niet alleen rijk genoemd, maar ook buitengewoon onsympathiek gekarakteriseerd. Hij is rijk en toont dat ongegeneerd. Hij is iemand die ‘in purper en fijn linnen gekleed is en iedere dag uitbundig feest viert’.  Die kleren zijn een echo van wat de hogepriester draagt wanneer hij dienst doet in de tempel, maar de rijke gebruikt ze enkel  voor zichzelf. En dat uitbundig feest vieren is een echo van de opdracht om de grote feesten te vieren. In het boek Deuteronomium zegt Mozes dat het volk elk jaar Pasen moet vieren en ook het weken-feest na de oogst “ter ere van de HEER uw God, met vrijwillige gaven, al naar Hij u gezegend heeft. Op de plaats die de HEER uw God uitkiest om er zijn naam te vestigen, moet gij feest vieren met uw zonen en dochters, met uw slaven en slavinnen, met de levieten binnen uw poorten, met de vreemdelingen, de weduwen en de wezen, die bij u wonen.” (Dtr 16,10b-11). En dus niet alleen en niet elke dag. De rijke man is een karikatuur.

 

In zekere zin is Lazarus dat ook: hij is geen bedelaar die ergens om vraagt, zoals in een ander evangelie Bartimeus wordt voorgesteld, een blinde die bedelt en zit (Mc 10,46). Lazarus zit niet bij de poort, hij ligt, met de suggestie dat hij er is neergelegd door mensen die misschien hoopten dat de rijke achter de poort iets zou doen. Hij is zo arm dat we ons niet met hem kunnen identificeren. Wel kunnen we voor hem sympathie opbrengen, of moeten wel zelfs sympathie voor hem opbrengen en dat komt ook door zijn naam: ‘God redt’.

 

Het is goed even stil te bijven staan bij die naam. Die arme man is dus niet ‘iemand’. Hij heeft een naam. ‘Iemand’ kun je, hoef je niet zien, maar dat niet zien kan niet, wanneer je de naam van die persoon kent. Wanneer je de naam van iemand kent, wordt dat niet zien iets bewusts, wordt dat niet zien negeren. Later in de parabel blijkt de rijke man Lazarus te kennen. Hij vraagt immers aan Abraham dat hij Lazarus de opdracht geeft hem wat water te geven. Die rijke man heeft dus iemand die hij bij name kent, Lazarus, bij zijn poort genegeerd.

 

Dat negeren krijgt een extra lading door de inhoud van de naam: ‘God redt’. Het is een lange traditie in de Schrift dat God redt door mensen. Bij het brandend braambos krijgt Mozes te horen: “Ik heb de ellende van mijn volk in Egypte gezien, de jammerklachten om zijn onderdrukkers gehoord; ja, Ik ken zijn lijden. Ik daal af om mijn volk te bevrijden uit de macht van Egypte, …..Ga er dus heen, Ik zend u naar Farao. Gij moet mijn volk, de Israëlieten, uit Egypte leiden.” (Ex 3, 7-8.10). Ik daal af, ik zend jou. De naam ‘Lazarus’ verwijst dus naar de opdracht aan een gelovige God’s redding concreet te maken, in haar/ zijn doen en laten. De rijke man heeft dat genegeerd.

 

Nu krijgt dat gesprek over die onoverbrugbare kloof scherpte. De rijke spreekt Abraham aan als ‘vader’. Ook bij deze benaming ‘vader’ speelt van alles mee. Abraham is de eerste met wie God een verbond sluit. “De HEER zei tot Abraham: “Trek weg uit uw land, uw stam en uw familie, naar het land dat Ik u aan zal wijzen. Ik zal een groot volk van u maken. … Door u zal zegen komen over alle geslachten op aarde.” (Gen 12,1-2a.3) Abraham als de vader van alle gelovigen en daarmee is vader meer dan een kwestie van fysieke genealogie.

 

Een ‘vader’ is bovendien in de Schrift degene die zorg heeft voor zijn kinderen, die hen geen stenen voor brood geeft. Denk ook maar aan de bede in het Onze Vader om het dagelijkse brood). Abraham is ook degene die gastvrij is., die drie onbekenden uitnodigt in zijn tent. De prachtige icoon van Roeblev van de Triniteit waarin dat bezoek van de drie zo indrukwekkend verbeeld is, wordt terecht ‘de gastvrijheid van Abraham’ genoemd. De rijke man noemt Abraham wel ‘vader’ maar gedraagt zich helemaal niet als een kind van Abraham.

 

En nog iets: na dat bezoek van de drie gasten krijgt Abraham te horen dat God, Sodom en Gomarra wil vernietigen en Abraham pleit dan met God: als er 50, 45, 40, 30 20, 10 rechtvaardigen zijn, vernietig de steden dan niet en God zegt dat elke keer toe. In de parabel doet de rijke man ook een beroep op vader Abraham. Daar begint hij met: ontferm u over mij. Maar Abraham reageert daar niet op. Blijkbaar zijn er grenzen aan dat pleiten. Als iemand geen kind wil zijn, kan Abraham geen vader zijn.

 

Misschien heeft dát ten diepste te maken met het gegeven dat in dat gesprek over die onoverbrugbare kloof de rijke man niet laat blijken dat hij ook maar enig begrip heeft van wat hij verkeerd gedaan heeft. Hij blijft alleen met zichzelf bezig – ik heb dorst – en hij vraagt vader Abraham bovendien nog Lazarus als een soort bediende voor hem te laten werken. En als hij vervolgens iets verder kijkt, kijkt hij alleen naar zijn naaste familie, zijn broers. (eigen volk eerst). Dat is wel heel beperkt, wanneer Abraham vader is van het hele volk, sterker nog van alle gelovigen.  Hij zegt wel ‘vader Abraham’, maar heeft blijkbaar geen idee van wat hij zegt.

 

Dat onbegrip van die rijke man komt terug in de oneliner waarmee Abraham dat gesprek beëindigt: het gaat niet om niet weten of niet geïnformeerd worden, maar om niet luisteren. En niet luisteren heeft niets te maken met wel of geen gehoorapparaat. Die kloof waarover in de parabel sprake is, wordt onoverbrugbaar genoemd vanwege dat niet luisteren.

 

Dat beeld van een kloof heeft mij bezig gehouden. Niet vreemd als je zelfs maar een beetje het nieuws volgt. De kloof tussen de beelden uit Londen en de beelden uit Oekraine, militairen in prachtige uniformen en militairen in gevechtstenue, een kist die ten grave wordt gedragen en doden die opgegraven worden. De kloof in ons parlement, in onze samenleving, de waardering voor regering en politiek op een dieptepunt. De kloof van de parabel heeft een onthutsende actualiteit. Is onze kloof onoverbrugbaar?

 

Misschien moeten we ons toch maar identificeren met Lazarus en zijn naam serieus nemen, en ‘God redt’ concreet maken in ons leven.

Meer nieuws

Kom ook Kindje Zoeken bij de Cenakelkerk op zondag 18 december

Zondagmiddag 18 december is er voor kinderen van 4 tot […]

Overweging 2e zondag Advent 2022, door Pastoor Jacques Grubben

Jaarlijks mag ik na Kerstmis verstillen in een retraite. Van […]

Lezingenreeks winterwerk

Op dinsdag 17 januari organiseert de Commissie Winterwerk een lezingavond […]

Vieringen in december in de Cenakelkerk

Zaterdag 3 december 17.00 uur 2e Advent – Eucharistieviering Zondag […]

Preek voor de eerste zondag van de advent 2022 Cenakelkerk

Preek voor de eerste zondag van de advent 2022                  […]